Tv.webBlad.info
Onmisbare informatie over de invloed van Televisie

Meest bekeken
>Staren naar tv vervroegt puberteit


Recente artikelen
>Staren naar tv vervroegt puberteit
Alle artikelen


Televisie remt de motorische intelligentie van kinderen

Televisie is slecht voor kinderen. Het belemmert jonge kijkers in de ontwikkeling van hun motorische intelligentie. Dat beweren neuroloog Peter van Domburg en arts-filosoof Hugo Verbrugh naar aanleiding van een boek van de arts Frits Wilmar. Opmerkelijk is dat deze dokters niet de programma’s kritiseren, maar de televisie zelf; het medium dus.

Nederlandse kinderen zitten gemiddeld twee uur per dag voor de buis. Veel ouders vragen zich af of dat wel gezond is. Vooral moeders van jonge kinderen maken zich zorgen. En steeds meer deskundigen geven hen gelijk. De American Psychological Association beveelt zelfs aan om kinderen onder de twee jaar helemaal nooit televisie te laten kijken – zó slecht is het. Al vanaf 1992 hebben psychologen herhaaldelijk en overtuigend aangetoond dat kinderen die veel geweld op televisie zien, dat later in de werkelijkheid imiteren.

Minder bekend is de schadelijke werking van de televisie als medium. Dus als communicatiemiddel, los van wát er gecommuniceerd wordt. Televisie remt de ontwikkeling van de zintuigen en het zenuwstelsel van het kind. Al bijna een halve eeuw geleden publiceerde Frits Wilmar daar een boek over: ‘Over de invloed van radio en televisie op kleuters en kleine kinderen’. Wilmar was arts en antroposoof en werkte in een instituut voor kinderen met een mentale handicap. Daardoor was hij goed vertrouwd met hoe kinderen hun zintuigen en hun zenuwstelsel ontwikkelen en gebruiken. Dat gaat niet vanzelf; kinderen moeten actief leren hoe ze hun zintuigen en hun zenuwstelsel kunnen gebruiken. Daarover is de laatste jaren in de cognitieve psychologie en de neurowetenschappen veel meer bekend geworden. Wilmar was zijn tijd ver vooruit en wist al veel dat nu pas bekend aan ’t worden is.

Heel jonge kinderen hebben nog een soort totaal-zintuigelijkheid. Horen, zien, proeven, ruiken en voelen vloeien in elkaar over. Door ervaring leert een kind onderscheid; dat je vormen ziet, geluiden hoort en snoepjes proeft. Die ervaringen kunnen alleen in de echte wereld worden opgedaan, niet in de schijnwereld van de televisie. Ook de aanwezigheid van ‘grote mensen’ is nodig om een kind de echte wereld te laten ontdekken.


Wat is synestesie?

Televisie kan niet alleen door de inhoud van de programma’s slecht zijn voor een kind, maar ook louter door de aard van het medium. Voor een kind is het medium televisie iets heel eigenaardigs. Dat komt omdat voor een klein kind helemaal niet vanzelf spreekt hoe het moet zien en kijken. Kinderen moeten in hun eerste levensjaren leren hoe ze hun zintuigen gebruiken. Dat kunnen ze alleen door zo direct mogelijk met zo veel mogelijk zintuigen zo actief mogelijk met de werkelijkheid om te gaan: tasten, ruiken, voelen, zien, horen enzovoort. Een moeder of vader of ander ouder mens die naast het kind staat en toelichting en aanwijzingen geeft versterkt het leerproces, op voorwaarde die oudere met het kind méé de werkelijkheid ontdekt. Televisie doet dat niet, televisie verlamt de directe zintuiglijke activiteit. Het scherm staat letterlijk als 'medium' in het midden tussen het kind en de werkelijkheid, en omdat flarden van wat op dat scherm verschijnt op de echte werkelijkheid lijken, wordt het kind ernstig in verwarring gebracht.

Voor ons, volwassenen, is het de gewoonste zaak van de wereld dat we met onze ogen zien, met onze oren horen, met onze vingers voelen en met onze mond proeven. Voor het kleine kind is dat onderscheid aanvankelijk helemaal niet zo duidelijk. In de eerste levensmaanden lijken kinderen een beetje op mensen die kleuren niet alleen zien maar ook horen, geluiden niet alleen horen maar ook zien. Bij sommige mensen werken de zintuigen namelijk zo. Het verschijnsel heet synestesie. Kinderen zijn in hun eerste levensmaanden van nature enigszins synesteet. Ze nemen ononderbroken waar wat in hun omgeving gebeurt, maar als een ongedifferentieerde ‘energie-kwaliteit’. De differentiatie van de verschillende zintuigfuncties komt pas na enige tijd.
In die eerste periode van ongedifferentieerde zintuigwerking is een soort oer-tast-gevoel als ’t ware de moeder van alle zintuigwerkingen. In dit oergevoel, waarmee het kleine kind ononderbroken innerlijk aftast wat het aan zintuigprikkels krijgt aangeboden, manifesteert zich dat zintuigelijke waarneming een hoogst actief proces is. De synestesie-achtige ongedifferentieerdheid van de zintuigindrukken verdwijnt na enkele maanden, maar het oer-tast-gevoel blijft jarenlang actief.


Wilmar was geen academische onderzoeker en deed geen experimenten met zijn kinderen. Hij keek gewoon heel goed naar hoe kinderen leven en handelen. Zo zag hij hoe het kind tijdens zijn eerste jaren in een intieme wisselwerking met zijn omgeving leeft. Het doet letterlijk alles na wat het ziet en hoort. Het kind ontwikkelt zich op basis van nabootsing van wat het uit de omgeving aangeboden krijgt. Tegelijk stemt het voortdurend de processen in zijn zintuigen en zijn motoriek op elkaar af. Daardoor ontwikkelt het kind bij zichzelf zijn zogeheten motorische intelligentie. Dat is het kenmerk bij uitstek waarin de mens zich van het dier onderscheidt.


Wat is motorische intelligentie?

Volgens een recente theorie in de neurowetenschappen ligt het essentiële verschil tussen mens en dier in ‘motorische intelligentie’. Dat is de vaardigheid om  tegelijkertijd intelligent te bewegen en te handelen en bewegelijk waar te nemen en te denken. Om het een beetje poëtisch te zeggen: het is de kunst om overal en altijd hoofd en hand mooi te laten samenwerken.
Maar dat kunnen veel dieren toch ook? Kijk hoe een poes op een vogel jaagt of een muis vangt, kijk hoe meeuwen stukjes brood die je in de lucht gooit oppikken – dat zijn toch allemaal bewegingen die minstens zo intelligent zijn als die van mensen? Ja, zo lijkt het, maar er zijn toch essentiële verschillen. Om te beginnen hebben dieren altijd een beperkt repertoire. Het ene dier kan heel goed dit, het andere dier blinkt uit in dŕt. En weliswaar heeft ieder individueel mens ook een beperkt repertoire, maar ‘de’ mens als zodanig heeft een bijna oneindig repertoire aan intelligente bewegingen. Het menselijk repertoire van motorische intelligentie is ook oneindig veelzijdiger dan dat van enige diersoort. Denk aan muziek maken en de bijbehorende vingervaardigheid, het vermogen tot spreken en schrijven. En dan hebben we het nog niet eens over de bewegingen die we vanuit onze vrije wil uitvoeren.

Neurowetenschappers György Ligeti en Gerhard Neuweiler hebben het uitgewerkt in het boek 'Motorische Intelligentie: tussen muziek en natuurwetenschap' (2007). Maar op zich is het idee veel ouder en kom je het altijd al overal tegen. Op sommige kinderdagverblijven werken leidsters doelbewust met de kinderen aan de drie ‘componenten’ die in de motorische intelligentie samenkomen. De ene 'component' bestaat uit de cognitieve vaardigheden die de kinderen ontwikkelen als ze bij voorbeeld puzzelen of voorgelezen worden, de andere is de motorische activiteit die de kinderen spontaan altijd aan de dag leggen en die dus alleen gestuurd en geleid hoeft te worden. Daartussen leeft de derde 'component': de gevoelsmatige waardering die de kinderen ontwikkelen voor wat ze doen en meemaken. Motorische intelligentie is de kunst om die drie componenten harmonisch te laten samengaan.


Als het kind voor de buis zit, gaat dat allemaal heel anders. Wat het daar aangeboden krijgt, verschilt op een onduidelijke manier van zijn alledaagse werkelijkheid. Het kan niet herkennen – en daarom ook niet begrijpen – wat het ziet omdat het nog geen herinneringsbeelden heeft, nog geen ‘referenties’. Een volwassene heeft zulke herinneringsbeelden wel; eerdere, soortgelijke ervaringen uit de werkelijkheid. Daardoor begrijpt hij wat hij ziet en hoort – kan hij een eigen waardeoordeel vellen – en daarom is voor de volwassene televisie niet per se slecht. Maar het kind raakt erdoor in de war.

Een kind krijgt ook geen respons op pogingen om via zijn motoriek in actieve wisselwerking te komen met de op mensen lijkende figuren op het scherm. Anders gezegd: een teletubie doet gewoon zijn ding en trekt zich niks aan van de opwinding van het kijkende kind. In de levende omgang van het kind met andere kinderen en volwassenen is dat totaal anders. Daar is altijd een over-en-weer. Door deze ononderbroken wisselwerking ontwikkelt het kind zijn motorische intelligentie. Het eenrichtingsverkeer van de televisie verwart en verlamt dat proces. Daarom is televisie voor kleine kinderen gewoon slecht.

Het boek van Wilmar is in januari 2008 onder auspiciën van de Werkgroep Neurowetenschappen en Filosofie van de Vereniging voor Filosofie en Geneeskunde in beperkte oplage opnieuw uitgegeven met aanvullingen, annotaties, commentaren en toelichtingen van dr. Peter van Domburg, neuroloog en klinisch neurofysioloog, en dr. Hugo Verbrugh, arts.  De volledige tekst van het boek is op internet beschikbaar.
kairos-kr.nl/2008%2002%2023%20Totale%20tekst%20voor%20op%20site.pdf

Eind oktober 2008 vindt een expertmeeting plaats waar deskundigen in de cognitieve neurowetenschappen, vertegenwoordigers van de media, politici – in het bijzonder leden van de Tweede Kamer – en andere betrokkenen met elkaar zullen spreken over de inhoud van het boek en over de vraag hoe de strekking van Wilmars werk een vaste plaats kan krijgen op de agenda van het publieke debat over kind en televisie,

Allicht zal de ongerust geworden ouder zich nu afvragen: “Wat kan er dan precies mis gaan met mijn kind als het al zo vroeg zo veel televisie kijkt?” Op die vraag geeft de moderne wetenschap veel duidelijker antwoord dan Wilmar destijds kon doen. Alles wijst erop dat veel televisiekijken mede oorzaak is van allerlei moderne problemen bij kinderen en jongeren zoals aandacht- en concentratie-stoornissen, ADHD, te dik worden, suikerziekte en andere. Dat is al jaren algemeen bekend, maar er wordt in omroepland hoegenaamd niets met die informatie gedaan.


zoek
info
contact
rss


Overige webBladen
Nieuw: webBlad over Zwangerschap, met..
>Sterfte baby's rond geboorte
>Zwangere ondernemer moet uitkering krijgen
>Helft pilgebruikers opgelucht bij menstruatie

© 2017 webBlad.info   Free counter and web stats